De Kleine Mote

Je winkelwagen

Diksmuide

Dienst Toerisme Stadhuis, Grote Markt 6, 8600 Diksmuide +32 (0)51 79 30 50

https://www.bezoekdiksmuide.be/

Diksmuide

Diksmuide staat bekend als de Boterstad, wat verwijst naar de bloeiende zuivelhandel, die eeuwenlang een van de belangrijkste welvaartspijlers van de stad was. De stad is echter het bekendst vanwege de Eerste Wereldoorlog, waarbij ze het hard te verduren had aan het IJzerfront.

Geschiedenis Diksmuide

Stadswandeling

Wandelcircuit ‘De Stadslink’. Klinknagels op de grond duiden het parcours van 3.2 kilometer aan. Op zestien locaties tonen eigentijdse panelen je de nodige informatie en beelden uit het rijke Diksmuidse verleden.

Ook mogelijk: ‘Geocaching’ in Diksmuide! Voor wie dit leuke spel nog niet kent, neem zeker een kijkje op website www.geocaching.com.

Bezienswaardigheden

Westhoek jaren 50 VRT (Diksmuide – Nieuwpoort)

https://ytcropper.com/cropped/hV5e7fd4282b6d5

Het stadhuis met belfort aan de Grote Markt

Op de Grote Markt van Diksmuide bieden kooplui al sinds de dertiende eeuw hun koopwaar aan op de wekelijkse maandagmarkt. Nu is er ook de boerenmarkt op zaterdagmiddag.

Het eerste stadhuis dateert van 1428. Rond 1570 werd een nieuw stadhuis gebouwd.

Omstreeks 1880 werd een nieuw stadhuis gebouwd in neogotische stijl.

Na de verwoestingen van de Grote Oorlog (1914-1918) werd het in 1923 herbouwd in regionale Vlaamse renaissancestijl.

De belforttoren op de binnenplaats is het symbool van de stedelijke vrijheid.

Er staan twee standbeelden op de markt: ’t Manneke uit de Mane (verguld bronzen beeld ontworpen door Adhemar Vandroemme) en Generaal-Baron Jacques (bronzen beeld op arduinen sokkel ontworpen door Alfred en Antoine Courtens).

Standbeeld van ’t Manneke uit de Mane

Het standbeeld ‘Het Manneke uit de Mane’ is het symbool voor de typische Vlaamse humor, het West-Vlaamse dialect en eigenzinnige cultuur

t Manneke uit de Mane is een Vlaamse volksalmanak. De eerste uitgave verscheen in 1881, de voorprent werd ontworpen door Ferdinand Rodenbach (broer van Albrecht Rodenbach).

Het werd in het leven geroepen door Alfons Van Hee (toen kapelaan in Wijtschate) die hoofdredacteur was tot 1903. De almanak bevatte grapjes, weersvoorspellingen en oude Vlaamse spreuken, wijsheden en gebruiken. Hoewel het ludiek oogde, had het een sterke flamingantische en katholieke inslag.

De eigendomsrechten werden in 1886 overgenomen door De Swighenden Eede. Dit was een geheim genootschap van West-Vlaamse flaminganten, opgericht omstreeks 1880, waarvan Hugo Verriest de centrale figuur en bezieler was. Het genootschap streefde naar de verspreiding van Vlaams-nationale ideeën en de bevordering van de Vlaamse (culturele) ontvoogding.

Er waren wat onderbrekingen (van 1914 tot 1923 en van 1930 tot 1964) maar ondertussen zijn er meer dan honderd jaargangen van de almanak.

Bij de heruitgave van 1964 werd de ‘Orde van het Manneke uit de Mane’ gesticht, met zetel in Diksmuide. Een prestigieus West-Vlaams genootschap dat de almanak publiceert en elk jaar prominente West-Vlamingen die de Vlaamse cultuur en humor uitdragen tot ‘ridder’ (en sinds 2002 tot ‘jonkvrouw’ ) in de ludieke orde van ’t Manneke uit de Mane slaat.

Standbeeld van Generaal Baron Jacques de Dixmude, Markt

Jules Jacques (1858 – 1928) werd geboren in Stavelot, volgde Koninklijke Militaire School en maakte een militaire carrière.

Hij kreeg een standbeeld voor zijn rol bij de verdediging van Diksmuide in 1914 maar beeld en tekst verwijzen ook naar zijn exploten in Afrika:

De generaal staat afgebeeld met legerjas, helm en sabel; hij tuurt naar het front, verrekijker in de hand. Op de hoeken staat telkens een figuur: een soldaat in uniform met sabel en vlag; een soldaat in uniform met het geweer in rust; een negerslaaf met ontbloot bovenlijf, met gebalde vuist en de handboeien nog rond de pols geklemd en onder de andere arm een tak met vruchten; een soldaat met het geweer in rust, gekleed in tropenkostuum.

JE TIENDRAI  –  1914-1918 OVER DE VAART DIXMUDE-MERCKEM-STADEN  –  M’ PALA-1892.

De Sint-Niklaaskerk, achter het stadhuis

De Sint-Niklaaskerk was oorspronkelijk een romaanse kapel. Na de stadsbrand van 1333 werd ze omgebouwd tot een gotische hallenkerk. Die kerk werd verwoest in de Eerste én de Tweede Wereldoorlog maar naar een plan van de 14e-eeuwse vroeggotische versie werd heropgebouwd. Ook aan de 18de-eeuwse torenspits werd de oorspronkelijke vorm teruggegeven. Het interieur herbergt een schat aan religieuze kunst.

Postgebouw

Grauwe Broedersstraat 1, Diksmuide.

Ooit was deze patriciërswoning met grote ommuurde tuin, stallen en dienstgebouwen de residentie voor de gouverneurs die tijdens de Tachtigjarige Oorlog (1568-1648) royaal en op stadskosten de belangen van de Spaanse soeverein kwamen verdedigen.

Volledig vernield tijdens WO1 en herbouwd als postgebouw na 1918.

Het Begijnhof

Begijnhofstraat 2, Diksmuide

Het Begijnhof werd in de dertiende eeuw achter de stadsvaart gebouwd.

Merkwaardige wederopbouw na de Eerste Wereldoorlog. Een begijnhof-achtig complex van zogeheten burgerlijke godshuizen, bestemd voor oorlogsweduwen en gebouwd door het Nederlandse hulpfonds Steun aan België, wat blijkt uit de tegeltjes welke op de huisjes werden aangebracht en vervaardigd werden door De Porceleyne Fles. Vandaag is het een woonerf voor volwassenen met een verstandelijke handicap.

Vismarkt

foto

De stadsvaart of Handzamevaart was lange tijd de grens tussen de vroege stedelijke kern. In de dertiende eeuw namen de ambachtslui de lager gelegen gronden, ten noorden van de stadskern in. De vaart werd een bedrijvige binnenhaven, waarvan bij de Vismarkt nog de sporen te vinden zijn van de kaaimuur met aanmeerringen en laad- en lostrappen.

De Verhalenschat

Een vaste locatie in de kelder van het stadhuis (bereikbaar via de dienst Toerisme).

De invulling gebeurt met tijdelijke, wisselende tentoonstellingen rond een unieke collectie van schilderijen, tekeningen, kunstzinnige voorwerpen, beelden, gebruiksvoorwerpen die meer vertellen over de leefwereld van de Diksmuidelingen en de Westhoekers.

De ruimte dient als een ’thuis’ voor historische verhalen die in verschillende expo-vormen worden gepresenteerd. Inkom is gratis.

Oorlogsmonumenten

De IJzertoren, Diksmuide (Kaaskerke)

De IJzertoren is een vredesmonument. Oorspronkelijk opgericht ter nagedachtenis aan de Vlaamse soldaten die sneuvelden tijdens de Eerste Wereldoorlog. Tegenwoordig herbergt de 84 meter hoge toren het 22 verdiepingen tellende “Museum aan de IJzer”, dat de oorlogsgeschiedenis en de strijd voor Vlaamse ontvoogding belicht.

Paxpoort, Diksmuide (Kaaskerke)

In 1950 bouwde men met de brokstukken van de opgeblazen IJzertoren, de Paxpoort. Aan de hoeken ervan staan de herstelde beelden van Edward en Frans Van Raemdonck, Renaat De Rudder, Joe English en Frans Van Der Linden met Lode De Boninge.

Museum aan de IJzer

Diksmuide (Kaaskerke), op de vredessite ‘Aan de IJzer’  (met Paxpoort, IJzercrypte en IJzertoren.).

Museum is ingericht om de bezoekers interactief en belevingsgericht een inkijk te bieden in de Groote Oorlog, met de klemtoon op de Belgisch-Duitse confrontatie. Uniek zicht over de hele frontstreek, 84 meter hoog boven de ‘Vlaamse Velden’, vanuit de panoramazaal.

http://www.museumaandeijzer.be/

Villa Marietta

IJzerdijk 18, Diksmuide (Nieuwkapelle)

Villa Marietta is het bakstenen landhuis van Marie Tack.

Deze weduwe van een adellijke heer is 78 jaar oud als de Eerste wereldoorlog uitbreekt. De IJzerdijk wordt de eerste Belgische verdedigingslinie, uitgebouwd met loopgraven en militaire versterkingen. Haar woning, een kilometer van de Duitse frontlinie verwijderd, fungeert als hoofdkwartier en commandopost, door de lagere ligging achter de dijk is het enigszins beschut.

Ondanks de vijandelijke beschietingen blijft mevrouw Tack koppig in haar huis. Ze ontvangt er soldaten, officieren en veel hooggeplaatste personen zoals Koning Albert, Koningin Elisabeth, de Franse President Poincaré. Die gasten laten hun naam achter in haar Gulden Boek, nu tentoongesteld in het Museum aan de IJzer.

In april 1916 wordt de woning deels vernield door vijandelijke beschietingen. Militairen doen de nodige herstellingen en Madame Tack kan na twee dagen terugkeren.

Op 20 juni 1916 ontvangt ze het Ridderkruis van de Orde van Leopold II en pas wanneer de vijandelijke beschietingen in 1917 intensiever worden, trekt ze naar De Panne.

Tot dan deelde ze, met haar ezel, voedsel en sigaretten uit aan de militairen in de loopgraven, wat haar de bijnaam ‘Maman des soldats’ oplevert. Op het schilderij ‘Portrait de Mme Tack’ van de Belgische kunstenaar Allard l’Olivier uit 1917 wordt ze waarheidsgetrouw afgebeeld in amazonezit op haar ezel. Het werk (olie op doek van 165 x 200 cm) is in het bezit van het Musée des Beaux-Arts in Doornik.

Oorlogssite

De Dodengang langs de IJzer, Diksmuide (Kaaskerke).

Het laatst bewaarde stuk van het Belgische front uit de Eerste Wereldoorlog, een verdedigingscomplex van loopgraven en bunkers.

LÉONARD, Charles (1894-1953) Belgische grenadier aan de IJzer

De plaats heeft een bijzondere emotionele waarde en wordt onmiddellijk bewaard als herdenkingsoord. Maar loopgraven zijn grotendeels opgebouwd uit natuurlijke materialen. De erosie doet zijn werk. Het hout rot weg. Zandzakken vergaan en wanden storten in. In 1924 laat het Ministerie van Openbare Werken de Dodengang opnieuw aanleggen. De jutezandzakken worden vervangen door zakken gevuld met cement.

Vanaf 1995 voert het 11de Bataljon Genie onder leiding van het 5de Regionaal Centrum voor Infrastructuur van Defensie belangrijke restauratiewerken uit in de loopgraven langs de IJzer. In 2002 wordt een nieuw gebouw opgericht, dit gebouw laat toe de loopgravenoorlog en het lijden van de soldaten op een boeiende manier voor de jonge generaties te evoceren.

http://www.wo1.be/nl/db-items/dodengang

Oorlogskerkhoven

Deutscher Soldatenfriedhof in Diksmuide, Vladslo [45km, 50 minuten]

Unesco werelderfgoed.

In het Praatbos hadden de Duitsers een verbandpost. Daar ontstond het Soldatenfriedhof Vladslo. Na de Eerste Wereldoorlog werd het uitgebreid, bijna 22.000 graven werden naar hier overgebracht vanuit 61 Belgische plaatsen. Onder de eiken rusten 25.638 Duitse doden.

Een van de indringendste militaire begraafplaatsen.  Hier geen helden, geen roem; alleen een veelzeggende stilte, een stille aanklacht. De eenvoud van de eindeloze rijen platte, grijze grafstenen op het gras, de bomen errond, de natte bladeren in de herfst.

http://www.wo1.be/nl/db-items/duitse-militaire-begraafplaats-vladslo

Beeldengroep ‘Het treurende ouderpaar’ (K. Kollwitz)

Achteraan op de Duitse militaire begraafplaats in het Praetbos te Vladslo zitten twee geknielde figuren op een sokkel.

Zij stellen ‘Het treurende ouderpaar’ van de Duitse kunstenares Käthe Kollwitz voor en staan opgesteld vóór het graf van Musketier Peter Kollwitz, de tweede zoon van Karl en Käthe Kollwitz. Hij sneuvelde op 18-jarige leeftijd op 23 oktober 1914.

Op 23 juli 1931 werden de stenen beelden geplaatst op Het Roggeveld (tussen Zarren en Essen) waar Peter begraven was. In 1956 werd zijn graf, samen met 1538 kameraden, overgebracht naar het het Praetbos in Vladslo. Op hetzelfde moment verhuisde ook het beeldhouwwerk om bij zijn graf te worden opgesteld.

Links knielt de vader met al zijn opgekropt mannelijk leed : met ingevallen wangen en een verbeten trek om de mond, de armen krampachtig om het lichaam geslagen en het hoofd uit de opgetrokken schouders groeiend : neerblikkend op de duizenden graven, waaronder dat van zijn zoon Peter in het onmiddellijk bereik van zijn ogen.

Rechts knielt de moeder, Käthe Kollwitz zelf : voorovergebogen, de ogen geloken, met de rechterhand de wijde mantel dicht tegen haar wang aandrukkend : één en al innigheid, verdriet en liefde.

Tip: combineer dit met een bezoek aan het Käthe Kollwitz museum in Koekelare (8 km verder).

Käthe Kollwitz Museum

Brouwerijstraat, Koekelare.

Käthe Kollwitz (1867-1945) was een Duitse expressionistische kunstenares wiens hele leven in het teken staat van de (vooral grafische) kunsten.

Het museum brengt het verhaal van Käthe Kollwitz als moeder van een gesneuvelde soldaat en laat, aan de hand van een verzameling van originele kunstwerken, zien hoe de kunstenares in opstand kwam tegen oorlog en armoede. In het uitleidend deel toetst het museum haar werk aan de hedendaagse kunstwereld.

https://www.toerismekoekelare.be/kathe-kollwitz-museum

Natuurgebied

Bezoekerscentrum De Blankaart

Iepersteenweg 56  8600 Woumen +32 (0)51 54 52 44

Het Bezoekerscentrum (en Secretariaat Natuurpunt De Bron) is ondergebracht in het Blankaartkasteel  en paalt aan het natuurgebied De Blankaart. Het herbergt een boeiende tentoonstelling over de natuur in de IJzer- en Handzamevallei.

Het kasteelpark en een groot deel van het natuurgebied zijn vrij toegankelijk op de aangeduide paden. Het kasteelpark is toegankelijk voor kinderwagens en rolstoelgebruikers, het wandelpad en de vogelkijkhutten in het natuurgebied zelf niet.

Wandelaars komen in De Blankaart ogen tekort. Eenmaal het fotogenieke kasteel met bezoekerscentrum voorbij, vertelt een oude ijskelder links van het pad een eigen verhaal van overwinterende vleermuizen. Aan de andere kant van het pad geven gele plomp en bloeiende waterlelies kleur aan de charmante kasteelvijver. Even verderop krijg je vanop een idyllisch bruggetje een zicht op de grote Blankaartvijver. Langs het wandelpad vind je informatieborden, een vogelkijkhut en een forse uitkijktoren.

De Blankaart is zowel in herfsttooi, in winterkleed, als aan de vooravond van de lente of gedurende de zomerse maanden een natuurparel. Elk seizoen heeft zo zijn eigen kleuren en ook zijn typische vogels.

https://www.natuurpunt.be/bezoekerscentrum/provinciaal-bezoekerscentrum-de-blankaart