De Kleine Mote

Lens [55 km]

Geschiedenis

Waarschijnlijk hoorde Lens oorspronkelijk tot het Graafschap Vlaanderen. In elk geval viel het in 1526 in Spaanse handen en deelde sindsdien het lot van het Graafschap Artois.

De stad werd extreem zwaar getroffen in de Eerste Wereldoorlog. Na de bevrijding in leek Lens op een maanlandschap, bovendien waren overal onontplofte obussen, wat de wederopbouw bemoeilijkte. Daarbij kwamen ook nog hongersnood, slecht weer en daarna een uitbraak van de Spaanse griep. Meer dan de helft van alle inwoners van Lens overleefde de jaren 1914-1919 niet. Vanuit Nederland werden in september 1919 500 houten noodwoningen naar de streek gebracht.

Alleen de 18e-eeuwse kerk van Saint-Légèr, midden in de stad, werd zorgvuldig in oude stijl herbouwd.

In 1848 werden er belangrijke kolenvoorraden ontdekt en steenkoolwinning wordt de belangrijkste factor in de groei van de stad, tot de mijnsluiting in 1990.

Na een bloeiperiode die tot ca. 1980 duurde, trad door de sluiting van textielfabrieken en alle kolenmijnen een crisis in.

De bevolking daalde, de werkloosheid steeg tot meer dan 15% van de beroepsbevolking en ook de criminaliteit nam toe.

De overheid compenseerde dit door in de omgeving de oprichting van een grote fabriek mogelijk te maken, die automotoren ging produceren. Verder kreeg Lens een aantal scholen en zelfs een universiteit met vooral technische en natuurwetenschappelijke studierichtingen. Tenslotte werd de stad verrijkt met een dependance van het Musée du Louvre, die jaarlijks bijna 500.000 bezoekers trekt.

Desalniettemin is Lens eind jaren 2010 nog altijd een van de armste steden van Frankrijk.

Bezienswaardigheden

Louvre Lens

99 Rue Paul Bert, 62300 Lens, Frankrijk

Het Louvre-Lens is een dependance van het Louvre in de Franse gemeente Lens, in het departement Pas-de-Calais.

Het museum ligt in het koolmijngebied in het noorden van Frankrijk, op de plek van de voormalige mijngroeve, midden in een aangelegd park van 20 hectares.

Het gebouw, een constructie van glas en staal, is ontworpen door de Japanse architecten Kazuyo Sejima en Ryue Nishizawa, die samen architectenbureau SANAA in Tokio vormen. De omliggende tuin werd ontworpen door landschapsarchitecte Catherine Mosbach.

De “Grande galerie” is het hart van dit museum; deze gigantische ruimte is gewijd aan semi-permanente collecties uit het Louvre. De inrichting wordt regelmatig vernieuwd, en de stijlvolle scenografie, net als de afwezigheid van muren tussen de kunstwerken dragen bij aan de bezoeksvriendelijkheid.

In het glazen paviljoen, aan het einde van de grote galerij, wordt jaarlijks een tentoonstelling georganiseerd die aansluit bij de vaste tentoonstelling uit de grote galerij. Er is ook een galerij voor tijdelijke tentoonstellingen.

https://www.louvre.fr/en/louvre-lens-0

Terrils: La Base 11/19

Rue Léon Blum, Loos-en-Gohelle 62750 France

Bezoek met natuurgids: CPIE Chaîne des Terrils, +33 (0)3 21 28 17 28, email: accueil@chainedesterrils.eu

La Base 11/19 is een vroegere mijnbasis in Loos-en-Gohelle aan de rand van Lens: 110 hectare met de oude fabrieksgebouwen (nu een verzamelplaats voor duurzame bedrijfjes) en de tweeling terrils, twee zwarte pyramiden, de hoogste terrils van Europa.

Twee oude mijnbergen naast elkaar, een prachtige plek om te wandelen of te sporten: vanaf deze mijnbergen van ruim 180 meter hoog heb je een spectaculair uitzicht en de natuur is ook bijzonder.

Of om te bezoeken met een natuurgids die onderweg vertelt over de natuur en het mijnverleden. De vroegere ‘afvalbergen’ (gruis dat meekwam met de kolen) hebben namelijk een unieke biodiversiteit. Dat komt omdat de zwarte stenen snel opwarmen in de zon en die warmte lang afgeven. Daardoor kunnen hier uitheemse bloemen en plantensoorten groeien, zoals orchideeën. Ook staan er opvallend veel fruitbomen onderaan de bergen: een erfenisje van de duizenden mijnwerkers die hier na de lunch – jaar in,  jaar uit – hun kersenpitten en klokhuizen achterlieten!

Vanwege hun symboliek en karakteristieke vorm bestempelde Unesco de 200 nog resterende mijnbergen en diverse andere historische plekken in het Noord-Franse mijnbekken tot ‘levend en evolutief erfgoed’.

Lens Base 11-19

Canadian National Vimy Memorial Park

Latitude N 50° 22′ 20″ ; Longitude E 2° 46′ 12″

Route des Canadiens, Neuville-Saint-Vaast France +33 (0)3 22 76 70 86

Een 5 tal km ten zuiden van Lens, het belangrijkste Canadese oorlogsmonument.

De hele site is 107 ha groot en ligt op de grens van de gemeenten Vimy, Givenchy-en-Gohelle en Neuville-Saint-Vaast. Eind 1922 schonk Frankrijk dit land als erkenning voor de oorlogsdaden van Canada.

Het terrein is een bewaard slagveld, Het gebied werd herbebost maar is grotendeels nog steeds afgezet wegens ontploffingsgevaar. Het ligt vol niet-geëxplodeerde munitie, kraters van artilleriegranaten en ondergrondse mijnexplosies.

Het park, met het monument, de begraafplaatsen en het informatiecentrum is vrij groot. Wandelen van het monument naar de begraafplaatsen en vervolgens naar het informatiecentrum, neemt een half uur en geeft een goede indruk van het landschap.

Op de site vindt men

  • Canadian National Vimy Memorial
  • Bezoekerscentrum.
  • Loopgraven stelsel en tunnel
  • Herdenkingsteken voor de Franse Marokkaanse Divisie
  • Begraafplaatsen Canadian Cemetery No.2 en Givenchy Road Canadian Cemetery

Canadian National Vimy Memorial

Route des Canadiens, Neuville-Saint-Vaast France

Het monument staat op het hoogste punt van de heuvelrug, in de oorlog Hill 145 genoemd op het slagveld van de Slag om Vimy Ridge.

In 1924 begonnen de voorbereidende plannen en in 1925 begon de bouw van het monument, wat 11 jaar zou duren. De architect, Allward, was op zoek gegaan naar een geschikte steen voor zijn ontwerp, die hij uiteindelijk vond in het Paleis van Diocletianus. Die kalksteen was afkomstig van een steengroeve nabij Seget in Kroatië. Door moeilijkheden bij het houwen en de transport duurde het tot 1927 eer de eerste lading steen aankwam en pas vanaf 1931 kwamen de grotere stenen voor de menselijke beelden toe.

Het monument zelf rust op een fundering van 11.000 ton beton, versterkt met honderden ton staal. De voet van het monument en de twee kolommen bevatten bijna 6.000 ton kalksteen. De 20 beelden werden ter plaatse gehouwen.

Het monument bestaat uit een voetstuk met daarop twee hoge pylonen.

De voorste muur is ruim 7 meter hoog en stelt een ondoordringbare verdedigingsmuur voor. Aan beide uiteinden van de muur bevindt zich aan de voet van de trappen een figuur, zuidelijk de ‘Breaking of the Sword’ en noordelijk de ‘Sympathy of the Canadians for the Helpless’. Centraal staat boven op de muur een beeld van een vrouw gehuld in een mantel, neerkijkend met gebogen hoofd. Beneden haar staat op de grond een sarcofaag met een brodiehelm en een zwaard. Deze vrouw is ‘Canada Bereft’ of ‘Mother Canada’, een verpersoonlijking van de jonge Canadese natie die treurt om haar doden.

Centraal op het voetstuk van het monument staan twee pylonen, zo’n 30 meter hoog. De ene draag het esdoornblad van Canada, de ander de Fleur de lis van Frankrijk. Boven op de pylonen bevinden zich een aantal figuren. De voornaamste zijn ‘Justice’ en ‘Peace’, met daaronder ‘Hope’, ‘Charity’, ‘Honour’ en ‘Faith’ aan de oostzijde en ‘Truth’ en ‘Knowledge’ aan de westzijde. Beneden tussen de twee pylonen bevindt zich de ‘Spirit of Sacrifice’.

Naast de trappen aan de achterkant bevindt zich een beeld van een treurend ouderpaar, een vader en een moeder, elk aan een kant van trap. Op de buitenmuur van het monument zijn 11.285 namen ingeschreven van Canadezen die sneuvelden in Frankrijk, maar wiens graf onbekend is.

Voor de inhuldiging van het monument in 1936, de Vimy Pilgrimage, stelde de Canadese regering een speciaal gratis Vimypaspoort ter beschikking aan de pelgrims. Op 16 juli vertrokken van Montreal vijf lijnboten naar Frankrijk. Zo’n 6.400 mensen kwamen per schip uit Canada; ruim 1.300 Canadezen kwamen uit Engeland. Het monument werd officieel onthuld op 26 juli 1936 door Edward III, in zijn hoedanigheid van Koning van Canada, in aanwezigheid van de Franse president Albert Lebrun.

In 1939 groeide de Canadese bezorgdheid over het monument omwille van de groeiende dreiging van nazi-Duitsland en enige tijd na het uitbreken van de oorlog viel het dan ook in Duitse handen. In Canada en het Verenigd Koninkrijk gingen geruchten de ronde over de vernieling van het monument, wat uiteindelijk door de Duitsers werd ontkend. Pas in september 1944 werd het weer bevrijd en was men zeker dat het onbeschadigd was.

https://www.veterans.gc.ca/eng/remembrance/memorials/overseas/first-world-war/france/vimy

Canadian National Vimy Memorial Visitor Education Centre

Route des Canadiens, Neuville-Saint-Vaast France

In 2017 werd een informatiecentrum voor bezoekers geopend bij het Vimy monument.

In het informatiecentrum is een museum en wordt de Slag om Vimy Ridge in het kort uitgelegd. Er worden door Canadese studenten rondleidingen gegeven door de loopgraven en de tunnels. Deze rondleidingen zijn zeker de moeite waard, al was het maar omdat je anders de tunnels niet in komt.

https://www.veterans.gc.ca/eng/remembrance/memorials/overseas/first-world-war/france/vimy/education-centre

Grange Subway tunnel en loopgraven bij Vimy

Route des Canadiens, Neuville-Saint-Vaast France

Een 5 tal km ten zuiden van Lens, staat het het belangrijkste Canadese oorlogsmonument. De hele site is 107 ha groot en ligt op de grens van de gemeenten Vimy, Givenchy-en-Gohelle en Neuville-Saint-Vaast.

Het terrein is een bewaard slagveld, Het gebied werd herbebost maar is grotendeels nog steeds afgezet wegens ontploffingsgevaar. Het ligt vol niet-geëxplodeerde munitie, kraters van artilleriegranaten en ondergrondse mijnexplosies.

Nog voor het monument werd gebouwd, zag men dat het oorlogslandschap begon te verdwijnen. Om een deel te bewaren, besliste men een stuk van de loopgraven en een tunnel te restaureren en in te richten.

Monument voor de Frans-Marokkaanse Divisie bij Vimy

Op de heuvelkam is ook een bescheiden monument geplaatst ‘ter nagedachtenis aan (…) de officieren, onderofficieren en soldaten van de Marokkaanse divisie, eervol gesneuveld op deze plek op 9, 10 en 11 mei 1915’.

Voordat de Canadezen de heuvelrug van Vimy in april 1917 op de Duitsers heroveren, hebben andere soldaten er twee jaar eerder al voet gezet. Ze kunnen echter geen stand houden wegens onvoldoende steun van de artillerie en gebrek aan versterking. Deze ‘voorlopers’ zijn zoeaven en Marokkaanse tirailleurs met hun rode zoeavenmutsen en pofbroeken. Zij worden in de Marokkaanse divisie vergezeld door vrijwillige strijders uit 52 verschillende landen uit het Vreemdelingenlegioen.

Op de ochtend van 9 mei 1915 breekt de Marokkaanse divisie door de Duitse linies. De soldaten doorkruisen het bos en belanden aan de voet van de heuvelrug van Vimy. Om hun voortgang te volgen en het artilleriegeschut af te stellen, zijn vierkante lappen witte stof op de rug van hun jassen genaaid. Ideale doelwitten voor de Duitsers die hen van terzijde gadeslaan. Daarbij komt nog dat de artillerie munitie te kort komt en de versterking maar niet opdaagt. Het bevel tot terugtrekken valt tegen de avond. De Marokkanen moeten het overwonnen terrein afgeven met zware verliezen.

De tirailleurs van de Marokkaanse divisie behoren tot de bijna 820.000 tijdens de Eerste Wereldoorlog gemobiliseerde soldaten uit de Franse kolonies en protectoraten. 636.000 mannen worden naar Frankrijk gestuurd als soldaat of sjouwer. Van de 449.000 strijdende rekruten komt het merendeel uit Algerije (150.000), Tunesië (39.000) en Marokko (34.000). 70.000 slachtoffers rusten in Franse aarde.

De schilden aan de voet van het monument bewijzen de eer aan andere buitenlandse strijders uit het Franse leger, afkomstig uit Griekenland, Soedan en Tsjecho-Slowakije.

Vimy Foundation Centennial Park

In 2018 opende naast het Canadian National Vimy Memorial een herdenkingspark. Een openlucht bezinningsruimte voor wie Vimy bezoekt.